Congres: “Samenwerking in en om de Sportvereniging”

Een congres over ‘Samenwerking in en om de Sportvereniging’. Met een commissie Samenwerking in eigen gelederen en een gemeente die acteert met een sportcarrousel, reden voor een afvaardiging van uw webredactie om kennis te maken met presentaties van onderzoeken van het Mulier Instituut en Kenniscentrum Sport. Met een voor een voetbaladept vreemd decor van het Wagenaar stadion (Amstelveen), maar soms biedt een uitstapje zicht op andere samenwerkingsverbanden. Naar blijkt acteren hockeyverenigingen zeer professioneel, vanuit een amateurstatus. Er zijn samenwerkingsverbanden tussen voetbal en hockey. Een zaal met aandachtige sportambtenaren en medewerkers sportbonden. En twee betrokken vrijwilligers bij sportverenigingen waren aandachtige luisteraars of beter actoren. Een verslag.

Op de foto: een voorbeeld dat samenwerking in het veld succes brengt. Dit als metafoor voor andere vormen van samenwerking.

Samenwerking in en om de sportvereniging wordt door het Kenniscentrum in 6 domeinen verdeeld:

  1. Samenwerking in de omgeving van de vereniging
  2. Samenwerking in het bestuur
  3. Samenwerking met de leden
  4. Samenwerking en maatschappelijke waarden
  5. Samenwerking met gemeente
  6. Samenwerking met cultuur en zorg.

 

Samenwerking (in de toekomst) in de omgeving van de vereniging.

Marian ter Haar van het Kenniscentrum Sport (Ede) ziet momenteel maar zeker ook voor de toekomst een aantal ontwikkelingen in de omgeving van de vereniging.

  • De club zoekt een gezonde relatie met haar omgeving. Het in gesprek gaan met partijen of partners in je omgeving; verbindingen zoeken en waar mogelijk duurzaam invullen; de ontwikkeling van de Open Club ook wel genoemd de Vitale Sportvereniging. Cruciaal is de ontmoeting, het gebruik van de accommodatie; mogelijkheden bieden aan nieuwe leden of deelnemers aan sport- en beweegactiviteiten. De club als veilige plek voor leden en buurt.
  • Een gezonde financiële basis, waarbij ontmoeten en verenigen belangrijk is. Samenwerking met de gemeente met het oog op continuïteit en vernieuwing.

 

Samenwerking in het bestuur.

  • Een veranderende omgeving heeft ook gevolgen voor de bestuursmethodiek. Passend besturen en trekkracht zijn evident bij het delen en verbinden (delen en verbinden ziet men als het samen inrichten van de organisatie). Er is sprake van dynamiek in de vereniging.
  • In een stabiele organisatie kan de Lean en Mean methode toegepast worden Veel voorgeschreven regels, iedereen doet en kent zijn rol. Methodiek mist de gewenste emotie.
  • Werken aan een pedagogisch klimaat, waarbij veiligheid en kwaliteit voorop staat.

 

Samenwerking met de leden.

  • De continue vraag voor het bestuur is wat willen de leden; wat zijn gezichtspunten voor de leden. Zijn de keuzes van het bestuur gedragen door de diversiteit van de leden.
  • Zijn de beleidspunten of stappen die een bestuur zet, in overeenstemming met de zienswijze van de leden. Daarbij hoe vertaal je de standpunten van de leden in een generaal beleidsplan.

 

Samenwerking en maatschappelijke waarden.

  • Intern en extern: volgens het onderzoek zijn sportverenigingen zich in toenemende mate aan het oriënteren om meer maatschappelijk te acteren; concreet betekent dit het zoeken van samenwerking met partners (kan een sportvereniging zijn, maar ook een school, wijk of welzijnsorganisatie). Daarnaast nadenken over een aanvullend sportaanbod, introductie van flexibele lidmaatschappen en deelname aan sportstimuleringsprojecten in de omgeving.
  • Belangrijk: eigen accommodatie; kartrekkers; partners met hart voor de sport; creëren van Win-Win situaties (bijvoorbeeld nieuw sportaanbod trekt nieuwe leden, als voorbeeld: Walking Football); goede plannen; opzetten van een lokaal netwerk(organisatie) en een gemeente die verenigingen actief stimuleert om maatschappelijk betrokken te zijn.

 

Samenwerking met gemeente. Rol van de gemeente.

  • Accommodaties toerusten op breder gebruik.
  • Doelgroepen benoemen (beleidskaders).
  • Verbinden van organisaties.
  • Kader toerusten, deskundigheid bevorderen.
  • Kennisuitwisseling mogelijk maken en ondersteunen.
  • Monitoren.
  • Financiering.

 

Samenwerking met Cultuur en Zorg.

  • Bevorderen gezondheid via de sportvereniging.
  • Nieuw sportaanbod voor bijzondere doelgroepen.

 

Leerpunten uit lopende trajecten t.a.v. Samenwerking (voorbeeld uit de Achterhoek).

  • Er zijn vele vormen van samenwerking (elk dorp of stad haar eigen kracht).
  • Ook de binding, de vorm is divers.
  • Onbetwist is er meerwaarde.
  • Veerkracht van vereniging is vaak minder groot dan gedacht; vereniging veranderen niet in grote stappen. Wel wordt samenwerking belangrijk gevonden.
  • Introductie technologie is praktisch (een website voor meerdere doelen, is interessant voor het brede publiek).
  • Jeugd en Oud gaat goed samen.

 

Deel 2.

Het andere deel van het congres ging over een onderzoek naar de status van sportverengingen in Europa. Door de subsidie van Erasmus+ de mogelijkheid voor het Mulier Instituut (Jan-Willem van der Roest) om samen met de partners in Europa onderzoek te doen naar ‘Sociale Inclusie en Vrijwilligerswerk in de sportverenigingen”. Kortweg “Sportverenigingen in Europa”.

Eerste vaststelling is dat Europa meerdere typen sportverenigingen kent:

  • Sociaaldemocratisch (zeg maar de Scandinavische landen).
  • Corporatisch (Nederland, Vlaanderen). Aspect is veel met elkaar samenwerken.
  • Liberaal (Engeland).
  • Post Totalitair (Polen en Spanje).

Doel van het onderzoek: wat zijn de structurele kenmerken van sportverenigingen; wat zijn de patronen; wat zijn de overeenkomsten en verschillen. Opmerkelijk dat Nederland in Europa het hoogst scoort voor lidmaatschap, maar liefst 27% is lid van een vereniging. Ook opmerkelijk is dat maar 7% van de verenigingen is opgericht na 2000 (in Vlaanderen is dat 25%). In Nederland zijn veel sportvereniging opgericht voor 1945 (28%). Daar zit ook onze vereniging bij. Verder is er onderzoek gedaan naar: het veranderende landschap van de sportvereniging; hoe verhoudt zich landelijk beleid op een sportverenigingen; welke rol spelen sportverenigingen bij sociale integratie (deelname van minderheden in een vereniging).

 

Sociale Integratie.

  • Aanname is dat sportverenigingen mensen bij elkaar brengt. Feit is dat minderheidsgroepen ondervertegenwoordigd zijn in de verenigingen zijn, of maar moeizaam structureel onderdeel vormen van een sportvereniging. Onderzoek gedaan naar: migrantenorganisaties, ouderen, sporters met een beperking en kwetsbare doelgroepen.

 

Structurele Integratie.

  • Onderzoek leert dat Landelijk beleid niet direct effect heeft op de doelstellingen van de vereniging. Er is nauwelijks een link tussen landelijke programma’s en de doelstellingen die besturen van een sportvereniging hebben.
  • In Duitsland is dit veel meer aan de orde. Het “Wir schaffen das” wordt landelijk opgenomen.
  • Er is spraken van assimilatie en pluralisme. In het algemeen weten leden hoe een vereniging functioneert. In de regel voelen leden en vrijwilligers zich gerespecteerd in de club.
  • Verenigingsdemocratie: de ALV wordt in Nederland relatief laag bezocht. Het gemiddelde in Europa ligt hoger.

 

Sociale Participatie.

  • De Nederlandse clubcultuur wordt gezien als “The Bar nextdoor”. Gezelligheid en sociale verband is een belangrijke functie in de vereniging.
  • In de vereniging worden vooral nieuwe vriendschappen gesmeed; 85% van de (nieuwe) leden weet een nieuwe vriendschap te maken. Maar liefst 42% kent meer dan 50 mensen in de club.

 

Rol van de vereniging in de Integratie.

  • Integratie en diversiteit is voor bijna geen enkele vereniging in Nederland een doel.
  • Lidmaatschap van verenigingen is voor een belangrijke mate bepaald door emotionele betrokkenheid. 25% van de vrijwilligers is actief in een ‘vaste’ functie. 13% van de vrijwilligers is betrokken bij episodische functies (denk aan tijdelijk vrijwilligerswerk).
  • De Vrijwilligersparticipatie is stabiel. In aantallen is het aantal vrijwilligers niet veranderd (afgelopen jaren). Het aantal professionals in de verenigingen is stijgende.